Totale uitgaven aan voortgezet onderwijs
De overheid, bedrijven, huishoudens en organisaties in het buitenland geven geld uit aan scholen voor voortgezet onderwijs of voor het (laten) volgen van voortgezet onderwijs.
Hieronder staan de uitgaven van iedere economische sector aan voortgezet onderwijs. Daarnaast worden de uitgaven aan scholen voor voortgezet onderwijs beschreven, met onder ‘Gerelateerde grafieken’ de uitgaven aan scholen per leerling.
Totale uitgaven aan voortgezet onderwijs
Overheid | Huishoudens | Bedrijven | Buitenland | |
---|---|---|---|---|
2000 | 5,5 | 0,5 | 0 | 0 |
2005 | 7,4 | 0,7 | 0 | 0 |
2010 | 9,1 | 0,8 | 0,1 | 0 |
2015 | 9,8 | 0,8 | 0,1 | 0 |
2020 | 10,9 | 1 | 0,1 | 0 |
2021 | 12 | 1,2 | 0,1 | 0 |
2022 | 12,8 | 1,5 | 0,1 | 0 |
2023* | 13,5 | 1,6 | 0,1 | 0 |
Voortgezet onderwijs wordt voor het grootste deel door de overheid bekostigd. Daarnaast geven huishoudens met schoolgaande kinderen geld uit voor onder andere schoolactiviteiten, leermiddelen, bijles en huiswerkbegeleiding. In 2023 gaven huishoudens bijna 1,6 miljard euro uit aan voortgezet onderwijs.
Uitgaven aan scholen in het voortgezet onderwijs
Totale uitgaven aan onderwijsinstellingen | |
---|---|
2000 | 5,6 |
2005 | 7,5 |
2010 | 9,5 |
2015 | 10,2 |
2020 | 11,3 |
2021 | 12,5 |
2022 | 13,4 |
2023* | 14,1 |
De uitgaven in het voortgezet onderwijs gaan vooral naar onderwijsinstellingen. De totale uitgaven aan onderwijsinstellingen zijn zowel publieke als private uitgaven. In 2023 zijn deze uitgaven 760 miljoen euro hoger dan in 2022. In 2021 en 2022 stijgen de uitgaven aan onderwijsinstellingen als gevolg van de overheidsuitgaven in het kader van het Nationaal Programma Onderwijs (NPO).
Uitgaven aan onderwijsinstellingen per leerling | |
---|---|
2000 | 6108 |
2005 | 7752 |
2010 | 9559 |
2015 | 9780 |
2020 | 11358 |
2021 | 12616 |
2022 | 13524 |
2023* | 14203 |
In 2023 zijn de uitgaven aan scholen per leerling 14.203 euro. Dit zijn zowel publieke als private uitgaven aan scholen. Vanaf 2021 stijgen de uitgaven aan scholen per leerling als gevolg van de overheidsuitgaven in het kader van het Nationaal Programma Onderwijs (NPO).